de natuur en de markt

een avocado-boom geeft vijftig tot vierhonderd vruchten per seizoen. Gelukkig zijn niet alle vierhonderd tegelijk op grootte. Na het plukken duurt het nog vier tot vijf dagen voordat ze zijn aangerijpt tot die heerlijke groengele, naar walnoot smakende echte boter, soms oranje, dat is mijn favourite merk. De prijs van een aangerijpte avocado is het dubbele van die van de groene die nog moet aanrijpen. Dat is omdat er een riscico is, soms rijpen ze niet goed aan, en kun je ze weggooien en dat is niet altijd aan de groene te zien.

Ik verkoop ze dus het liefst rijp, laat ze thuis rijpen, maar moet ze dan wel in twee dagen verkopen, want overrijp zijn ze niks waard. Altijd spannend, inmiddels is de situatie zo dat ik voldoende betrouwbare klanten heb om er zestig thuis te laten rijpen, zonder dat ik zenuwachtig wordt.

Afgelopen vrijdag er dus zestig geplukt om ze midden deze week te verkopen. Je moet ze plukken met nog een stukje steel aan de vrucht, als je het steeltje er geheel aftrekt, rijpt de vrucht daar te snel tov de rest van de vrucht, bij het ontbrekende dopje is de vrucht al gauw verrot, terwijl de rest net rijp is. Er moet dus een dopje op blijven zitten, dat er vanzelf afvalt als de vrucht in zijn geheel rijp is.

Ik heb wel eens groene vruchten met het dopje verkocht aan een handelaarster die onnadenkend het dopje eraf haalde terwijl ze nog aan het nadenken was of ze dat dozijn wel van mij zou gaan kopen. Ik kon daar op mijn beurt heel lang over nadenken: hoe kan iemand die al twintig jaar avocadoos doorverkoopt dat dopje van een groene vrucht verwijderen? En wat kan ik als groentje avocado-expert daaraan doen? Ik besloot haar nooit meer groene avocadoos te verkopen, legde haar uit waarom,  en daar heb ik nog steeds geen spijt van.

Een inheemse avocadoboom is vaak groot, de vruchten zijn lekker maar klein en hangen hoog. Daar heb ik dan mijn lenige buurjongen voor die ze naar beneden gooit terwijl ik ze opvang. Nu had ik twee jaar geleden bedacht dat ik deze boom in de top drastisch zou snoeien, opdat de eik ernaast de avocadoboom definitief de baas zou blijven met zijn kroon, zodat ik niet de kleine avocadoos op vijftien meter hoefde te laten plukken. De boom dacht er anders over. Binnen de kortste tijd herstelde ze, en de nieuwe takken gaven dit jaar een waanzinnige produktie, zodat enkele takken vervaarlijk doorbogen. Ik plukte een twintig kleine avocadoos om afbreken te voorkomen. Twee dagen later brak de tak toch, zestig extra groene avocadoos.

Mijn niet inheemse ticomo geeft maar weinig vruchtig per seizoen, vorig jaar vijftien, maar wel joekels: tot 700 gram elk. Dit jaar hangen er duidelijk meer. Nadeel van mijn ticomo is dat ie van de openbare weg is te zien, in de nacht van zaterdag op zondag probeerden twee dieven er twintig te jatten: niet gelukt, ze konden zelf wegkomen met achterlating van de twintig reeds door hen geplukte avocadoos.

Ik heb zelf de zondag daarna en maandag de overige veertig ticomoos geplukt om de dieven wat werk te besparen.

Maar dus wel zestig joekels extra vandaag om rijp te verkopen.

Ik voed mijn klanten op, vertel hen dat ze niet het dopje van een groene avocado eraf moeten halen.

Vandaag kwam ik dus bij een lerende klant met bijna-rijpe avocadoos zonder dopje -want door de domme dief geplukt- en die wilde hij niet

ik blijf een schoolmeester, ik moet nu kiezen tussen de dief opvoeden of stoppen met het voorlichten van mijn klanten, de naïeve periode heb ik al achter me gelaten, dus ik ben benieuwd naar jouw advies

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in straatbeeld. Bookmark de permalink .

7 reacties op de natuur en de markt

  1. Wllm Kalb zegt:

    Weer heel wat geleerd! Denk met weemoed aan de avocado’s uit Maleisië, met een beetje limoen bij het ontbijt. Heerlijk.

  2. Stefania zegt:

    Tja advocado’s, die zijn hier ook volop te krijgen. Ik vind ze wel lekker in de salada en de guacamole. Maar verder weet ik eigenlijk niet zo goed wat ik ermee kan doen.

    • een kwart, langwerpige avocado als een waaier snijden op een kroes sla-blaadje op een groot bord met carpaccho van vis, met olie en vinaigre, aan plakjes gesneden olijfjes van verschillenden kleuren, en kappertjes, beetje zout en peper, bruin brood om het bord af te soppen. Als voorgerecht. Je kunt er ook heerlijk ijs van maken, langer te bewaren dan de vrucht zelf. Of een drankje met melk en toevoegingen in de liquadora

  3. @Stefania: daar hou ik van, de daad voegen bij het woord

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s